Utrecht heeft met 65,6 de hoogste gemiddelde toetsscore, terwijl Zeeland in het VO bovenaan staat met 94,3% geslaagden in deze landelijke vergelijking. De volgorde verschilt per sector. We zetten alle twaalf provincies naast elkaar.
Basisonderwijs: Utrecht bovenaan
De tabel toont de gemiddelde toetsscore per provincie. De schaal loopt van nul tot honderd. Voor 6.000 basisscholen waren gegevens beschikbaar.
| Provincie | Gemiddelde score | Aantal scholen |
|---|---|---|
| Utrecht | 65,6 | 469 |
| Limburg | 64,4 | 320 |
| Noord-Brabant | 61,9 | 803 |
| Gelderland | 61,2 | 813 |
| Zuid-Holland | 59,8 | 1.084 |
| Overijssel | 59,6 | 483 |
| Noord-Holland | 59,5 | 827 |
| Groningen | 57,6 | 249 |
| Friesland | 57,5 | 348 |
| Zeeland | 57,0 | 189 |
| Drenthe | 56,1 | 249 |
| Flevoland | 51,7 | 166 |
Utrecht staat bovenaan met 65,6. Dat is 1,2 punten meer dan nummer twee, Limburg.
Waarom staat Utrecht bovenaan? Dat kunnen we niet uit deze gemiddelden afleiden. De analyse toont geen oorzaak.
Voortgezet onderwijs: Zeeland bovenaan
Bij de slagingspercentages in het VO ziet de volgorde er anders uit:
| Provincie | Gem. slagingspercentage | Aantal scholen |
|---|---|---|
| Zeeland | 94,3% | 23 |
| Limburg | 93,0% | 58 |
| Overijssel | 92,7% | 84 |
| Drenthe | 92,0% | 34 |
| Gelderland | 91,6% | 135 |
| Noord-Brabant | 91,4% | 145 |
| Zuid-Holland | 91,4% | 282 |
| Friesland | 90,9% | 66 |
| Groningen | 90,9% | 50 |
| Utrecht | 90,6% | 85 |
| Noord-Holland | 88,9% | 202 |
| Flevoland | 86,3% | 31 |
Zeeland heeft het hoogste gemiddelde slagingspercentage. De volgorde wijkt duidelijk af van die bij het basisonderwijs.
Waarom verschillen de ranglijsten?
Een basisschooltoets en een eindexamen meten iets anders. De cijfers gaan ook over andere leerlingen, scholen en momenten. Je kunt de ranglijsten daarom niet lezen als de ontwikkeling van dezelfde groep leerlingen.
Ook het aantal scholen verschilt per provincie. In een kleine groep heeft één uitschieter meer invloed op het gemiddelde. De tabel laat het verschil zien, maar niet waardoor het ontstaat.
Welke gemeenten geven het vaakst een VWO-advies?
We bekeken ook het aandeel VWO-adviezen per gemeente. Alleen gemeenten met minstens 20 basisscholen tellen mee. Het cijfer is het deel van de leerlingen dat een VWO-advies krijgt.
Hoogste aandeel VWO-adviezen:
| Gemeente | VWO-advies | Scholen |
|---|---|---|
| Amstelveen | 35,1% | 20 |
| Utrechtse Heuvelrug | 32,7% | 22 |
| Hilversum | 31,0% | 27 |
| Utrecht | 30,3% | 98 |
| Haarlem | 28,7% | 38 |
| Amsterdam | 28,3% | 193 |
Laagste aandeel VWO-adviezen:
| Gemeente | VWO-advies | Scholen |
|---|---|---|
| Hoogeveen | 8,3% | 31 |
| Steenwijkerland | 8,9% | 30 |
| Den Helder | 9,3% | 20 |
| Emmen | 9,5% | 51 |
| Coevorden | 10,0% | 24 |
| Heerlen | 10,2% | 22 |
In Amstelveen krijgt 35,1% van de leerlingen een VWO-advies. In Hoogeveen is dat 8,3%. De tabel laat niet zien waardoor dit verschil ontstaat.
Wat zegt dit over individuele scholen?
Provinciale gemiddelden geven achtergrond, maar zeggen weinig over één school. Ook binnen een provincie verschillen scholen. Vergelijk daarom scholen in dezelfde plaats.
Wil je weten hoe de scholen in jouw gemeente presteren? Zoek op gemeente en vergelijk direct.
Over de data
Toetsscores en slagingspercentages komen van DUO. We gebruiken gemiddelden over meerdere schooljaren. De provincie volgt uit de gemeentecode van de vestiging. Lees meer over onze methode.