Hoe berekenen wij de schoolscore?

Uitleg over de berekening

Uitleg bij onze huidige scoremethode

Scholen met voldoende gegevens krijgen een samengestelde score van 0 tot 100. Hieronder staat hoe we die score berekenen en welke keuzes daarin zitten.

De scoreformule

De score wordt apart berekend voor basisscholen (PO) en middelbare scholen (VO). De scores zijn niet onderling vergelijkbaar en worden ook niet door elkaar getoond op overzichtspagina's.

Basisscholen (PO)

De basisschoolscore is een gewogen gemiddelde van 4 onderdelen. Elk onderdeel zetten we eerst om naar een schaal van 0 tot 100. Daarna passen we de inspectiecorrectie toe:

Scoreformule basisscholen (PO): onderdelen, gewichten en databronnen
Onderdeel Gewicht Databron
Doorstroomtoetsscore (SES-gecorrigeerd) 40% DUO
Doorstroom naar VWO, HAVO en VMBO-T 35% DUO
Verandering in toetsscore over 3 jaar 15% DUO
Verandering in leerlingaantal 10% DUO

Ontbreekt de verandering in de toetsscore, dan verdelen we dat gewicht over de onderdelen die wel beschikbaar zijn.

Op de basisscore passen we het inspectieoordeel als correctie toe. Een recent oordeel goed verandert de score met 10 punten. Onvoldoende verandert de score met -15 punten en zeer zwak met -25 punten. Een voldoende oordeel verandert de score niet. Oordelen vanaf 5 jaar oud tellen niet mee.

Ontbreekt de toetsscore of het doorstroomcijfer, dan krijgt een basisschool geen score.

Bij kleine basisscholen kan een enkele groep het gemiddelde sterk veranderen. Als de laatste groep naar schatting minder dan 15 leerlingen telt, trekken we de onderdelen daarom iets naar het landelijke midden. Dit is geen bonus. Op het schoolprofiel staat dan het label "Kleine school".

Middelbare scholen (VO)

Scoreformule middelbare scholen (VO): onderdelen, gewichten en databronnen
Onderdeel Gewicht Databron
Slaagpercentage (SES-gecorrigeerd) 40% DUO
Zittenblijvers (omgekeerd: lager is beter) 30% DUO
Verandering in slaagpercentage over 3 jaar 20% DUO
Verandering in leerlingaantal 10% DUO

Dezelfde inspectiecorrectie geldt als bij PO. Praktijkonderwijsscholen (PRO) hebben geen centraal examen en krijgen geen score. Ook ISK- en nieuwkomersscholen krijgen geen score, omdat hun resultaten niet goed vergelijkbaar zijn met het reguliere voortgezet onderwijs.

Het percentage zittenblijvers geldt voor de hele vestiging en niet per schoolniveau. Daardoor kan de verdeling van VWO, HAVO en VMBO invloed hebben op dit onderdeel.

Scoredrempels en labels

De totaalscore vertaalt zich naar een van 4 labels:

Uitstekend Score 78–100 Hoge samengestelde score
Goed Score 62–77 Bovengemiddelde samengestelde score
Voldoende Score 46–61 Rond het landelijk gemiddelde
Matig Score 0–45 Ondergemiddeld, aandacht gewenst

SES-correctie: rekening houden met de buurt

De kansen waarmee leerlingen aan school beginnen verschillen per buurt. Daarom passen we een buurtcorrectie toe op de toetsscore en het slaagpercentage. We gebruiken hiervoor de SES-WOA-score van het CBS. Die score beschrijft welvaart, opleidingsniveau en arbeidsverleden in een buurt.

Als middelpunt gebruiken we de middelste buurtscore van Nederland: 0,151. Een lagere buurtscore verhoogt de score iets. Een hogere buurtscore verlaagt de score iets. De aanpassing is nooit groter dan 10 punten.

Is voor een school geen SES-WOA-score beschikbaar, dan blijft de score ongewijzigd.

De correctie maakt buurten beter vergelijkbaar. Het blijft een schatting. Buurtkenmerken zijn niet precies hetzelfde als de achtergrond van iedere leerling.

Databronnen

We gebruiken uitsluitend openbare, officiële Nederlandse overheidsbronnen:

Verschillende doorstroomtoetsen vergelijken

Basisscholen gebruiken verschillende doorstroomtoetsen, zoals IEP, Route 8, DIA, Leerling in Beeld, AMN en DOE. Iedere toets heeft een eigen schaal.

We zetten de ruwe score daarom per toetsaanbieder om naar een schaal van 0 tot 100. De grenzen komen uit de landelijke DUO-resultaten voor die aanbieder. Daarna gebruiken we het gemiddelde van maximaal 3 schooljaren. Zo veroorzaakt een overstap naar een andere toets geen kunstmatige stijging of daling.

Ontbrekende data en drempels

Niet elke school heeft voor alle onderdelen data. Dat kan verschillende oorzaken hebben:

Voor een basisschool zijn zowel een toetsscore als een doorstroomcijfer nodig. Voor een middelbare school is een slaagpercentage nodig. Zonder die kerngegevens tonen we geen totaalscore.

Ontbreekt een ander onderdeel, zoals de trend of het zittenblijverscijfer, dan verdelen we het gewicht over de onderdelen die wel beschikbaar zijn.

Wat we niet meten

Cijfers vertellen niet het hele verhaal. De schoolscore is een startpunt, geen eindoordeel. We meten bewust niet:

Gebruik de score om een shortlist te maken, en bezoek daarna de scholen zelf via een open dag.

Waarom meerdere cijfers combineren?

Een toetsuitslag of slagingspercentage laat maar een deel van een school zien. Daarom nemen we ook doorstroom, ontwikkeling over meerdere jaren en recente inspectieoordelen mee.

De uitkomst blijft een model met keuzes in gewichten en grenzen. Gebruik de score als startpunt voor je vergelijking, samen met afstand, ondersteuning, sfeer en een bezoek aan de school.

Wat we landelijk zien in de data

Van de 5.998 basisscholen met voldoende data voor een score heeft 1,5% het inspectieoordeel 'goed'. Bron: Inspectie van het Onderwijs, schooljaar 2024-2025.

Na correctie voor de verschillende doorstroomtoetsen is de gemiddelde toetsprestatie 60,2 op een schaal van 0 tot 100. Bron: DUO, schooljaar 2024-2025.

Gemiddeld stroomt 45,1% van de leerlingen op Nederlandse basisscholen door naar HAVO of VWO. Bron: DUO doorstroomcijfers, schooljaar 2024-2025.

Veelgestelde vragen

Hoe wordt de schoolscore berekend?
Voor basisscholen tellen de doorstroomtoets (40%), doorstroom naar VWO, HAVO en VMBO-T (35%), verandering in de toetsscore (15%) en verandering in het leerlingaantal (10%) mee. Voor middelbare scholen zijn dat slaagpercentage (40%), zittenblijvers (30%), verandering in het slaagpercentage (20%) en verandering in het leerlingaantal (10%). Een recent inspectieoordeel kan de uitkomst daarna verhogen of verlagen.
Wat betekent de SES-correctie?
De SES-correctie houdt rekening met kansen en achterstanden in de buurt. We gebruiken de SES-WOA-score van het CBS. Die score beschrijft welvaart, opleidingsniveau en arbeidsverleden in een buurt. Een school in een buurt met meer achterstand begint vaak vanuit een moeilijkere positie.
Waarom scoort een school in een kansarm gebied hoger dan verwacht?
Dat gebeurt wanneer een school, gezien de buurtcontext, beter presteert dan je op basis van die uitgangssituatie zou verwachten. De correctie is maximaal 10 punten omhoog of omlaag. Scholen zonder SES-WOA-score krijgen geen correctie.
Welke data gebruikt Schoolvergelijker?
Schoolvergelijker gebruikt openbare data van Nederlandse overheidsbronnen. De belangrijkste bronnen zijn DUO, de Inspectie van het Onderwijs, het CBS en PDOK. Daarmee combineren we schoolprestaties, inspectieoordelen, leerlingaantallen, doorstroomcijfers en buurtkenmerken.
Hoe vaak wordt de score bijgewerkt?
De score verandert zodra nieuwe brondata beschikbaar komt. Op de site staat steeds het schooljaar waarop de cijfers zijn gebaseerd.
Is de score van PO en VO vergelijkbaar?
Nee. Basisscholen en middelbare scholen krijgen allebei een score van 0 tot 100, maar die wordt met andere onderdelen berekend. Vergelijk scholen daarom alleen binnen dezelfde sector.

Vragen over de berekening, of zie je een fout in onze berekening?

Neem contact op →

Zie ook: Databronnen · Over Schoolvergelijker